Een klein detail van 350 jaar oud

Gisteren liep ik samen met Angela, mijn nichtje Kika en mijn neef Arnold door het Rijksmuseum. Een dag vol geschiedenis, kunst en verhalen. Van de grote meesters tot de kleinere werken waar de meeste bezoekers misschien achteloos aan voorbijlopen. Toch was het niet de Nachtwacht die mij het meest bijbleef.

Het was een schilderij uit ongeveer 1662 van Andries Beeckman. Een stadsgezicht van Fort Batavia, het bestuurlijke hart van Nederlands-Indië in die tijd. Op het eerste gezicht zie je wat je verwacht van een zeventiende-eeuws tafereel: gebouwen, handelaren, soldaten, palmbomen en mensen uit allerlei bevolkingsgroepen die destijds in Batavia leefden.

Maar toen bleef mijn blik ergens hangen.
Tussen al die mensen stonden een aantal Molukkers afgebeeld.
Niet als soldaten. Niet als bestuurders. Niet als figuranten in een verhaal van anderen.
Ze waren aan het spelen.
Met een bal.

Volgens de beschrijving van het Rijksmuseum speelden zij een balspel met een rotan bal. Een spel dat sterk doet denken aan het huidige sepak takraw. De bal zweeft zichtbaar door de lucht. Een klein detail op een schilderij van ruim drieënhalve eeuw oud. Ik moest er even om glimlachen. Want ineens zag ik daar iets heel herkenbaars. Geen politiek. Geen handel. Geen oorlog. Gewoon mensen die plezier maken met een bal.

Misschien komt dat omdat voetbal voor mij altijd meer is geweest dan een spelletje. Als trainer, supporter, vader van een voetballende zoon en liefhebber van de sport zie ik hoe een bal mensen met elkaar verbindt. Jong en oud. Arm en rijk. Waar je ook vandaan komt. En misschien is die verbinding met vandaag wel groter dan je op het eerste gezicht zou denken.

Als er één gemeenschap is die haar sporen heeft nagelaten in het Nederlandse voetbal, dan zijn het de Molukkers wel. Van Simon Tahamata tot Giovanni van Bronckhorst, van Denny Landzaat tot Tijjani Reijnders. Namen die iedere voetballiefhebber kent.

Natuurlijk weet ik ook wel dat het schilderij geen letterlijke momentopname is. Historici gaan ervan uit dat Beeckman verschillende bevolkingsgroepen bewust heeft samengebracht om een beeld te geven van het multiculturele Batavia van die tijd. Maar dat maakt het voor mij niet minder bijzonder.

Tussen alle grote verhalen over gouverneurs, handelsposten, specerijen en de VOC zie je ineens iets heel menselijks. Een klein detail dat laat zien dat onze voorouders niet alleen onderdeel waren van de geschiedenis, maar ook gewoon leefden. Werkten. Lachten. Speelden. En blijkbaar ook tegen een bal trapten.

Ik betrapte mezelf erop dat ik langer naar die voetballende Molukkers keek dan naar sommige wereldberoemde schilderijen verderop in het museum. Soms zit de grootste geschiedenis namelijk verstopt in de kleinste details. En soms vind je tussen de palmbomen van Batavia zomaar een stukje Molukse geschiedenis dat al eeuwenlang door vrijwel iedereen wordt voorbijgelopen.